Wat is biomassa?
Biomassa is in Nederland een populaire bron van groene energie. Ongeveer 90% van de groene stroom wordt opgewekt uit de verbranding van biomassa. Maar wat is biomassa eigenlijk? En hoe kunnen we het gebruiken? Biomassa is biologisch afvalmateriaal dat afkomstig is van levend of recent afgestorven organismen. Biomassa bestaat meestal uit dood plantenmateriaal, maar ook dierlijk (mest) of zelfs menselijk materiaal (rioolslijk) kan via vergisting worden omgezet in een bruikbaar biogas.Soorten biomassa
Ruwe biomassa heeft vanwege vochtgehalte en fysieke vorm vaak een lage energiedichtheid. Er zijn processen waarmee de energiedichtheid van ruwe biomassa kan worden verhoogd. Deze processen zorgen ervoor dat het materiaal uitdroogt en handelbaar wordt. Denk bijvoorbeeld aan het versnipperen en uitdrogen van hout. Welke soorten biomassa zijn er?
- Natte biomassa
- Droge biomassa
- Oliën en vetten
Hoe wordt biomassa gebruikt?
Biomassa kan ‘goed’ en ‘slecht’ worden gebruikt. Het verbranden van tarwe en suikerriet wordt als zeer slecht gezien omdat deze producten ook als voedsel kunnen dienen. Een grote vraag naar dit soort producten als brandstof kan ertoe leiden dat vooral in armere landen vruchtbare landbouwgrond wordt ingezet om brandstof te produceren in plaats van voedsel. In het rapport Heldergroene biomassa van de Stichting Provinciale Milieufederaties vindt u een complete lijst met goede en slechte biomassa.
De koolstofcyclus
Chemisch gezien bestaat biomassa uit koolstofverbindingen. Planten absorberen CO2 uit de atmosfeer en zetten dit onder invloed van water en zonlicht om in cellulose, glucose en ander organisch materiaal. De koolstof in het plantenmateriaal vervolgt zijn weg op verschillende manieren:
- Als plantenmateriaal wordt opgegeten, eindigt het als deel van dierlijke (of menselijke) biomassa. In dieren en mensen komt de koolstof via ademhaling (CO2) en de spijsvertering (methaan) weer terecht in de atmosfeer.
- Als plantenmateriaal afsterft, komen bij het rottingsproces gassen vrij. Deze gassen, die zowel CO2 als methaan bevatten, komen weer terecht in de atmosfeer.
- Als plantenmateriaal verbrandt, worden de koolstofverbindingen verbroken en wordt de fotosynthese als het ware omgekeerd; zuurstof en koolstof reageren samen tot gasvormig CO2.
- Als plantenmateriaal afsterft en direct bedekt wordt, worden de rottingsgassen ingevangen in de grond. Het plantenmateriaal vormt nu de bron van fossiele brandstoffen.
De cyclus waarbij atmosferisch koolstof door het ecosysteem wordt getransporteerd en uiteindelijk weer terugkomt in de atmosfeer, noemen we de koolstofcyclus. Maar in het laatste geval komt de koolstof niet terug in de atmosfeer. Het maakt geen deel meer uit van de huidige koolstofcyclus en wordt in plaats daarvan voor miljoenen jaren opgeslagen onder de grond als fossiele brandstof.
Het verschil tussen biomassa en fossiele brandstoffen
Net als bij de verbranding van fossiele brandstoffen komt bij de verbranding van biomassa CO2 vrij. Het verschil is dat de CO2 die uit biomassa vrijkomt, deel uitmaakt van de huidige koolstofcyclus. Bij de verbranding van fossiele brandstoffen pompen we als het ware CO2 uit koolstofcycli van miljoenen jaren geleden de huidige atmosfeer in. Het gebruik van biomassa noemen we dan ook CO2-neutraal. In tegenstelling tot conventionele brandstoffen die de koolstofcyclus verstoren en overbelasten.